ECLI:NL:GHARL:2019:3013
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake administratieve sanctie snelheidsovertreding buiten bebouwde kom
In deze zaak is hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van de kantonrechter en een administratieve sanctie opgelegd door de officier van justitie wegens een snelheidsovertreding buiten de bebouwde kom. De betrokkene werd beboet voor het rijden met 13 km/u te hard op een weg waar de maximumsnelheid 80 km/u bedraagt.
De gemachtigde van de betrokkene stelde dat de foto van de gedraging, een essentieel bewijsstuk, niet aan hen was verstrekt, terwijl dit op grond van artikel 7:18, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wel had moeten gebeuren. Het hof oordeelde dat de officier van justitie de foto had moeten verstrekken voordat een beslissing werd genomen, en dat het bestuursorgaan dat de sanctie oplegde deze foto aan de officier van justitie had moeten overhandigen.
Het hof vernietigde daarom de eerdere beslissingen van de kantonrechter en de officier van justitie wegens het niet naleven van de informatieplicht. Vervolgens beoordeelde het hof het beroep tegen de inleidende beschikking inhoudelijk en verklaarde dit ongegrond. De snelheidsovertreding werd voldoende bewezen met het zaakoverzicht en de foto waarop het kenteken van het voertuig duidelijk zichtbaar was. De door de gemachtigde aangevoerde twijfel over een mogelijke inhalende motorfiets werd niet aannemelijk geacht.
Tot slot veroordeelde het hof de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene ter hoogte van €512,-. De sanctie van €107,- voor de snelheidsovertreding blijft van kracht.
Uitkomst: Het beroep tegen de snelheidsovertreding wordt ongegrond verklaard en de administratieve sanctie van €107,- blijft van kracht.