Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Utrecht(hierna: de Inspecteur)
[Z](hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen IB/PVV en ZVW opgelegd voor de jaren 2010 en 2012. De rechtbank Gelderland vernietigde deze aanslagen en de rentebeschikkingen, en wees proceskosten toe aan belanghebbende.
De Inspecteur stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. Tijdens de zitting op 13 november 2019 sloten partijen een compromis waarbij de winst uit de verkoop van een onroerende zaak in 2010 tot het belastbare inkomen uit werk en woning (box 1) werd gerekend, terwijl andere onroerende zaken vanaf 2010 tot box 3 werden gerekend.
Het Hof vernietigde het vonnis van de rechtbank voor de aanslagen 2010 en stelde de navorderingsaanslag IB/PVV 2010 vast op een lager bedrag van €56.146, inclusief aanpassing van de heffingsrente. De aanslag ZVW 2010 bleef in stand. Voor 2012 bevestigde het Hof de vernietiging van de aanslagen en rentebeschikkingen. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld tot betaling van proceskosten van €1.280 aan belanghebbende.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Inspecteur is voor 2010 gegrond verklaard met vermindering van de navorderingsaanslag IB/PVV en voor 2012 ongegrond; de Inspecteur is veroordeeld in de proceskosten.