Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
Jeugdbescherming Gelderland,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met producties, ingekomen op 14 maart 2018;
- de brief van de GI van 2 mei 2018;
- het verweerschrift met productie 1;
- een journaalbericht van mr. Verhaak van 5 juli 2018 met producties 12 en 13, en
- een door mr. Verhaak op 30 juli 2018 overgelegde productie.
3.De feiten
- [naam kind 1] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,
- [naam kind 2] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , en
- [naam kind 3] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] ,
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
.De moeder stelt dat rechtbank geen rekening heeft gehouden met het welzijn van de kinderen en niet duidelijk heeft gemaakt waarom de [naam school] beter zou zijn dan [naam school 2] , zoals zij heeft voorgesteld. Verder stelt de moeder dat het onderwijs op [naam school 2] aansluit bij de keuze voor een democratische school, die de ouders eerder hebben gemaakt.