Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Na ontbinding van het huwelijk in 2015 zijn de alimentatieverplichtingen tussen partijen onderwerp van geschil. Het hof beoordeelt de draagkracht van beide ouders op basis van hun netto besteedbaar inkomen, waarbij rekening wordt gehouden met specifieke omstandigheden zoals de afkoop van verlofuren en zorg voor een kind met diabetes type 1.
De man en vrouw zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor twee minderjarige kinderen met verschillende hoofdverblijven. Het hof stelt vast dat de gezamenlijke draagkracht voldoende is om in de behoefte van de kinderen te voorzien, maar wijzigt de verdeling van de kinderalimentatiebetalingen tussen partijen. De vrouw moet een kleine bijdrage aan de man betalen voor de verzorging van het oudste kind, terwijl de man een grotere bijdrage aan de vrouw betaalt voor het jongste kind.
De partneralimentatie wordt bekrachtigd op basis van de behoefte van de vrouw en de draagkracht van de man, waarbij het hof oordeelt dat de vrouw tot 16 september 2018 behoefte heeft aan partneralimentatie. Het verzoek van de man om de partneralimentatie in tijd te limiteren wordt afgewezen. De beschikking van de rechtbank wordt voor het grootste deel vernietigd en gewijzigd, met uitvoerbaarheid bij voorraad.
Uitkomst: Het hof wijzigt de kinderalimentatiebetalingen tussen partijen en bekrachtigt de partneralimentatie tot 16 september 2018.