Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
.
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
primairte bepalen dat de waarde van de verzwegen bestanddelen: Bauspar Konto Deutsche Post ( [rekeningnummer 1] ), Deka investmentfonds ( [rekeningnummer 2] ) en privé vordering op GmbH ter waarde van respectievelijk € 50,-, € 9.468,- en € 44.058,19 ex artikel 3:194 lid 2 BW Pro aan de vrouw toebehoren,
subsidiairdeze per peildatum 31 december 2008 dienen te worden verrekend bij benadeling voor meer dan een kwart;
primairte bepalen dat de man aan de vrouw de onder punt 180 genoemde gouden sieraden ter waarde van € 10.000,- dient af te geven, althans de vrouw € 10.000,- dient te voldoen,
subsidiairindien het hof zal oordelen dat de gouden sieraden bij helfte verdeeld dienen te worden te bepalen dat bij de verdeling tevens de whiskycollectie van de man ter waarde van € 3.000,- dient te worden meegenomen en wel voor ieder de helft;
5.De motivering van de beslissing
10. Partijen doen afstand van hun recht om ontbinding of vernietiging deze overeenkomst verdeling te vorderen, een en ander voor zover de wet dit toelaat.’
9. roerende zaken, aan partijen genoegzaam bekend’ omvat. In de akte verdeling is van een specifieke toedeling van sieraden aan (een van) partijen geen sprake.
Beperkte gemeenschap van goederen
c. Omtrent rentebetaling wordt door partijen nader overeengekomen.’