ECLI:NL:GHARL:2018:26
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing kantonrechter wegens onbevoegdheid inzake administratief beroep WAHV
In deze zaak stond het hoger beroep centraal tegen de beslissing van de kantonrechter die het beroep van betrokkene tegen beslissingen van de minister van Veiligheid en Justitie en de officier van justitie ongegrond verklaarde en een verzoek tot proceskostenvergoeding afwees.
Betrokkene had een administratieve sanctie opgelegd gekregen en was in beroep gegaan tegen de beslissing van de officier van justitie. Vervolgens verzocht de gemachtigde van betrokkene de officier van justitie om de beslissing te heroverwegen wegens termijnoverschrijding, wat door de minister werd gekwalificeerd als geen aanvraag in de zin van de Awb. De kantonrechter oordeelde echter bevoegd te zijn, maar het hof stelt dat de kantonrechter zich onbevoegd had moeten verklaren.
Het hof oordeelt dat het verzoek van de gemachtigde geen aanvraag is en dat de reactie van de minister geen besluit is waartegen rechtsmiddelen openstaan. Hierdoor is het beroep bij de kantonrechter ongegrond en had deze zich onbevoegd moeten verklaren. De beslissing van de kantonrechter wordt vernietigd en de advocaat-generaal wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten in hoger beroep.
De vergoeding wordt forfaitair vastgesteld en gematigd gezien het beperkte succes van betrokkene in hoger beroep. Het arrest is gewezen door mr. Sekeris en uitgesproken in openbare zitting.
Uitkomst: Het gerechtshof vernietigt de beslissing van de kantonrechter wegens onbevoegdheid en veroordeelt de advocaat-generaal tot vergoeding van proceskosten van €186,-.