ECLI:NL:GHARL:2018:2537
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vervangende toestemming tot erkenning van minderjarige door biologische vader
De vader verzocht vervangende toestemming tot erkenning van zijn dochter, geboren in 2014, omdat de moeder haar toestemming weigerde. De rechtbank wees dit verzoek af, waarna de vader in hoger beroep ging. De moeder en de bijzondere curator voerden verweer tegen het verzoek.
Het hof overwoog dat de wettelijke vereisten voor vervangende toestemming zijn dat de vader de biologische verwekker is, het kind jonger is dan zestien jaar, en dat de erkenning geen schade mag toebrengen aan de belangen van de moeder bij een ongestoorde relatie met het kind of aan de sociaalpsychologische en emotionele ontwikkeling van het kind. De moeder had onvoldoende onderbouwd dat erkenning haar belangen of die van het kind zou schaden.
Hoewel er sprake was van een turbulente relatie met incidenten van huiselijk geweld en middelenmisbruik, vond het hof dit geen reden om het verzoek af te wijzen. De erkenning betreft slechts de familierechtelijke band en staat los van omgangs- of gezagskwesties. Het hof wees het verzoek van de vader toe, vernietigde de beschikking van de rechtbank en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof verleent vervangende toestemming aan de vader tot erkenning van zijn dochter en vernietigt de beschikking van de rechtbank.