Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met producties, ingekomen op 28 juni 2017;
- het verweerschrift van de stichtingen met producties;
- het verweerschrift van [verweerder] met producties;
- een brief van mr. De Bakker van 24 januari 2018 en
- een journaalbericht van mr. Hoek van 5 februari 2018 met één productie.
3.De feiten
De hoofdgerechtigden zullen bevoegd zijn te vorderen dat alle ter zake van mijn nalatenschap verschuldigd wordende successierechten worden betaald uit de met vruchtgebruik bezwaarde zaken, overeenkomstig de regel van artikel 78 lid 1 van Pro de Successiewet 1956.
Tot het uitoefenen van de zeggenschapsrechten, zoals het vergader-, stem- en enquêterecht, zullen in plaats van de hoofdgerechtigden en/of de vruchtgebruiker steeds de bewindvoerders gerechtigd (niet verplicht) zijn voorzover de wetten en de betreffende statuten dit toestaan; de hoofdgerechtigden en/of de vruchtgebruiker zijn/is gehouden de bewindvoerders daartoe zo nodig, op de door deze verlangde wijze en met inachtneming van de statutaire voorschriften dienaangaande, in staat te stellen. Het onder 2 betreffende delegatie bepaalde zal ten aanzien van het uitoefenen van vergader-, stem- en enquêterechten van toepassing zijn.
De bewindvoerders zullen binnen zes maanden na afloop van een kalenderjaar aan de boedelnotaris (de notaris tot wiens protocol mijn testament zal behoren) een balans per het einde van dat jaar moeten overleggen. Deze boedelnotaris zal van de balans kennis nemen namens de hoofdgerechtigden.
Iedere in functie getreden bewindvoerder of opvolgend bewindvoerder is gehouden om voor het geval van eigen belet of ontstentenis bij notariële akte in de opvolging te voorzien.
Mijn echtgenote zal voor haar werkzaamheden als bewindvoerder geen loon genieten: de naast mijn echtgenote fungerende bewindvoerder is gerechtigd voor zijn werkzaamheden als zodanig in rekening te brengen het loon, zoals dit volgens de daarvoor te zijnen aanzien geldende tarieven gebruikelijk is.”
- bepaald dat vanuit het vermogen van de nalatenschap van erflater maandelijks € 2.622,70 netto dient te worden uitgekeerd aan [verzoekster] ;
- bepaald dat vanuit het vermogen van de nalatenschap van erflater eenmalig € 50.000,- netto dient te worden uitgekeerd aan [verzoekster] ;
- bepaald dat [verweerder] de hiervoor genoemde bedragen dient te onttrekken uit het vermogen van de pensioen B.V.;
- de pensioen B.V. en [verweerder] opgedragen om mee te werken aan het beleggen van een ava en de totstandkoming van een ava-besluit waarbij door de bewindvoerders ( [verzoekster] en [verweerder] ) wordt besloten tot uitkering aan [verzoekster] van de hiervoor genoemde bedragen;
- [verweerder] en de pensioen B.V. veroordeeld de hiervoor genoemde bedragen binnen uiterlijk zes weken na heden te voldoen aan [verzoekster] of zoveel eerder als daartoe een ava-besluit zal zijn genomen;
- het vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad verklaard en bepaald dat iedere partij de eigen kosten draagt.
4.De omvang van het geschil
5.De motivering van de beslissing
"met inachtneming der bewindsbepalingen."