ECLI:NL:GHARL:2018:10862

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
13 december 2018
Publicatiedatum
13 december 2018
Zaaknummer
200.247.398/01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • R. Prakke-Nieuwenhuizen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:671 lid 1 sub a BWArt. 7:669 lid 3 sub g BW
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep bij intrekking verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst

In deze civiele procedure stond de ontbinding van een arbeidsovereenkomst centraal, waarbij de verzoekende partij hoger beroep had ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Gelderland. De ontbinding was gebaseerd op een verstoorde arbeidsverhouding, mogelijk gerelateerd aan een (echt)scheiding tussen de werkneemster en de directeur van de BV, de werkgever.

Tijdens het verloop van het geding in hoger beroep heeft de verzoekende partij het hoger beroep ingetrokken. Hierdoor zijn de gronden voor het hoger beroep komen te vervallen. Het hof heeft vastgesteld dat binnen de gestelde termijn geen incidenteel hoger beroep is ingesteld.

Op grond hiervan heeft het hof de appellant niet-ontvankelijk verklaard in het verzoek tot hoger beroep. De beschikking is op 13 december 2018 in het openbaar uitgesproken door mr. R. Prakke-Nieuwenhuizen in aanwezigheid van de griffier.

Uitkomst: Appellant is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens intrekking van het beroep.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

zittingslocatie Arnhem
afdeling civiel recht
zaaknummer 200.247.398/01
(zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, 6651049)

beschikking van 13 december 2018

inzake

[verzoeker] ,

wonende te [woonplaats] ,
verzoekende partij in hoger beroep,
advocaat: mr. B.J.H.L. Brouwer te Apeldoorn,
en

[belanghebbende 1] ,

wonende te [woonplaats] ,
belanghebbende,
en

[belanghebbende 2] ,

wonende te [woonplaats] ,
belanghebbende,
en

[belanghebbende 3] ,

wonende te [woonplaats] ,
belanghebbende,
en

[belanghebbende 4] ,

wonende te [woonplaats] ,
belanghebbende.

Het geding in eerste aanleg en in hoger beroep

Het verloop van het geding in eerste aanleg en in hoger beroep blijkt uit
- de beschikking van de rechtbank Gelderland (Zutphen) van 20 juni 2018;
- het beroepschrift;
- het journaalbericht van 29 november 2018 inzake het intrekken van het verzoek van
mr. B.J.H.L. Brouwer.

De motivering van de beslissing

Nu de verzoekende partij het hoger beroep heeft ingetrokken, zijn de gronden daaraan ontvallen en zal het hof appellant niet-ontvankelijk verklaren.
Binnen de daartoe gestelde termijn is geen incidenteel hoger beroep ingesteld.

De beslissing

Het hof, beschikkende in hoger beroep:
verklaart appellant niet-ontvankelijk in het verzoek in hoger beroep.
Deze beschikking is gegeven door mr. R. Prakke-Nieuwenhuizen en is op 13 december 2018 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.