ECLI:NL:GHARL:2018:10752
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vervangende toestemming verhuizing kinderen naar woning moeder
De moeder heeft in kort geding vervangende toestemming gekregen om met de kinderen te verhuizen naar haar nieuwe woning in Beetsterzwaag en hen daar in te schrijven in de BRP en op de basisschool. De vader stelde hoger beroep in tegen deze beslissing en vorderde onder meer dat de kinderen voorlopig bij hem zouden wonen en op hun oude school zouden worden ingeschreven.
Het hof oordeelt dat de vader niet-ontvankelijk is in zijn vordering tot toewijzing van het hoofdverblijf bij hem, omdat hij deze vordering niet in eerste aanleg had ingesteld, zoals vereist onder artikel 353 Rv Pro. Zijn tegenvordering tot terugverhuizing met dwangsom wordt wel ontvankelijk verklaard, maar afgewezen vanwege het belang van de kinderen bij continuïteit en het voorkomen van onrust.
Het hof benadrukt dat de belangenafweging in de bodemprocedure zal plaatsvinden, maar dat op dit moment de situatie van de kinderen in de nieuwe woonomgeving goed is en het contact met de vader niet is verminderd. Daarom wordt het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd en worden de proceskosten gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst de vorderingen van de vader af.