ECLI:NL:GHARL:2017:8239
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep pensioenverevening na echtscheiding en afstandsverweer afgewezen
Partijen zijn in 1972 gehuwd in gemeenschap van goederen en in 2001 gescheiden waarbij pensioenverevening werd overeengekomen. De vrouw stelde vanaf 2007 afstand te willen doen van alimentatie, maar niet van pensioenverevening. De man stelde dat de vrouw afstand had gedaan van haar pensioenrechten, wat het hof verwierp vanwege het schriftelijkheidsvereiste en de wettelijke bescherming.
De vrouw vorderde betaling van achterstallige pensioenbedragen vanaf 2010, inclusief wettelijke rente, en machtiging tot informatieverstrekking en uitkering van toekomstige pensioenaanspraken. De rechtbank wees deze vorderingen af, maar het hof vernietigde dit vonnis en wees de vorderingen toe. Het hof oordeelde dat de vrouw haar aanspraken niet had verwerkt en dat de man onvoldoende had voldaan aan zijn verplichtingen.
Het hof veroordeelde de man tot betaling van de achterstallige en toekomstige pensioenaanspraken, inclusief wettelijke rente vanaf 2015, en tot het machtigen van pensioeninstellingen tot informatieverstrekking en uitkering aan de vrouw. Tevens werd een dwangsom opgelegd voor niet-naleving. De kosten van het hoger beroep werden aan de man opgelegd, terwijl de proceskosten in eerste aanleg werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof veroordeelt de man tot betaling van pensioenverevening met wettelijke rente en tot informatieverstrekking en machtiging van pensioenuitkeringen aan de vrouw.