Uitspraak
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
20 juni 2017
[belanghebbende] te [woonplaats](hierna: belanghebbende)
de inspecteur van de Belastingdienst/Kantoor Utrecht(hierna: de Inspecteur)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende is in hoger beroep gegaan tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over de jaren 2008 tot en met 2011, inclusief boetebeschikkingen en heffingsrente. Het hof heeft tijdens de zitting op 15 juni 2017 een compromis bereikt waarbij de correctie voor 2008 werd beperkt tot € 50.000, wat resulteerde in een aangepaste belastbare inkomensvaststelling en een gematigde boete. Voor 2009 en 2010 werden de uitspraken van de rechtbank bevestigd.
Voor het jaar 2011 werd de aanslag aangepast naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 170.000 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 8.562, met een overeenkomstige vermindering van de heffingsrente. Tevens werd vastgesteld dat de passiefpost ‘overlopende passiva’ ultimo 2011 nihil bedroeg. Het hof vernietigde de uitspraken van de rechtbank en de uitspraken op bezwaar voor 2008 en 2011 en stelde de navorderingsaanslagen en boetes dienovereenkomstig vast.
Daarnaast veroordeelde het hof de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op € 990, en tot vergoeding van het betaalde griffierecht van € 124. De uitspraak werd op 20 juni 2017 in het openbaar gedaan door het hof te Arnhem, waarbij partijen werden vertegenwoordigd door hun gemachtigden.
Uitkomst: Het hof vernietigt gedeeltelijk de uitspraak van de rechtbank, vermindert navorderingsaanslagen en boetes voor 2008 en 2011, bevestigt de uitspraken voor 2009 en 2010 en veroordeelt de Inspecteur in proceskosten.