ECLI:NL:GHARL:2017:4776
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- A. van Waarden
- M. Barels
- R.W. van Zuijlen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen wijziging tenlastelegging valsheid in geschrifte en verduistering
Verdachte werd oorspronkelijk ten laste gelegd dat hij valse bankbiljetten in voorraad had met het oogmerk deze als echt uit te geven. Tijdens de eerste aanleg werd een wijziging van de tenlastelegging toegestaan waarbij verduistering van vals geld werd toegevoegd. De kinderrechter kende deze wijziging toe.
In hoger beroep stelde het hof vast dat de wijziging tenlastelegging niet toelaatbaar was omdat de oorspronkelijke en gewijzigde tenlastelegging verschillende strafbare feiten betreffen met verschillende rechtsgoederen en strafmaxima. Het hof oordeelde dat de gedragingen niet hetzelfde feit zijn in de zin van artikel 313 Sv Pro en artikel 68 Sr Pro.
Daarnaast was er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs om verdachte te veroordelen voor het in voorraad hebben van valse bankbiljetten. De advocaat van verdachte voerde aan dat de aanhouding onrechtmatig was en bewijs daardoor uitgesloten moest worden, maar het hof achtte dit verweer niet beslissend omdat sowieso onvoldoende bewijs was.
Het hof vernietigde het vonnis van de kinderrechter, verklaarde de wijziging tenlastelegging ontoelaatbaar en sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en spreekt verdachte vrij wegens ontoelaatbaarheid wijziging tenlastelegging en onvoldoende bewijs.