Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in het principaal hoger beroep,
de man,
de vrouw,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze zaak betreft een hoger beroep over partner- en kinderalimentatie na de echtscheiding van partijen en de wijziging van de woonsituatie van hun minderjarige kind.
De man en vrouw zijn gescheiden per beschikking van 6 januari 2016. De minderjarige is sinds januari 2017 bij de man gaan wonen, wat aanleiding gaf tot een verzoek tot wijziging van de kinderalimentatie. De rechtbank had eerder een partneralimentatie van €395 en een kinderalimentatie van €186 vastgesteld.
Het hof heeft de draagkracht van partijen beoordeeld aan de hand van hun netto besteedbare inkomens en relevante lasten, waaronder studiekosten van de meerderjarige zoon en zorgpremies. De behoefte van de minderjarige is vastgesteld op €724,91 per maand. De man moet vanaf 1 januari 2017 geen kinderalimentatie meer betalen, terwijl de vrouw een bijdrage van €96 per maand aan de man moet betalen vanwege de zorgkorting.
Voor de partneralimentatie heeft het hof de behoefte van de vrouw vastgesteld op circa €2.439 per maand en haar draagkracht op €380. De man heeft een draagkracht van circa €962. De partneralimentatie wordt vastgesteld op €743 per maand vanaf 1 januari 2017. Tevens wordt het verzoek van de vrouw voor partneralimentatie over de periode 27 januari tot 31 december 2016 afgewezen, omdat zij toen geen behoefte had. De vrouw moet het teveel betaalde bedrag over die periode terugbetalen.
De beschikking van de rechtbank wordt voor de kinderalimentatie gewijzigd en voor de partneralimentatie vernietigd en opnieuw vastgesteld. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Partneralimentatie vastgesteld op €743 per maand vanaf 1 januari 2017, kinderalimentatie voor minderjarige op nihil gesteld vanaf die datum, met terugbetalingsverplichting voor teveel betaalde partneralimentatie over 2016.