ECLI:NL:GHARL:2017:2898
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep na intrekking administratieve sanctie wegens door rood rijden
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie van €230 opgelegd wegens het niet stoppen voor een rood driekleurig verkeerslicht op 27 september 2014 te 's-Gravenhage. De kantonrechter verklaarde het beroep van betrokkene tegen deze sanctie ongegrond. Betrokkene stelde hoger beroep in tegen deze beslissing.
De advocaat-generaal heeft vervolgens besloten de inleidende beschikking met het betreffende CJIB-nummer in te trekken en betrokkene hiervan op de hoogte gesteld. De gemachtigde van betrokkene gaf aan het hoger beroep niet in te trekken, stellende dat de advocaat-generaal niet bevoegd zou zijn tot intrekking van de inleidende beschikking, maar slechts tot vernietiging.
Het hof oordeelt dat de advocaat-generaal in hoger beroep de bevoegdheid heeft om de beslissing op het administratief beroep in te trekken en de inleidende beschikking te vernietigen. Door de intrekking is het doel van het hoger beroep bereikt en heeft betrokkene geen belang meer bij een uitspraak op het hoger beroep. Daarom verklaart het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Daarnaast vergoedt het hof de proceskosten van betrokkene, bestaande uit kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, vastgesteld op €744,-. De advocaat-generaal wordt veroordeeld deze kosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard na intrekking van de administratieve sanctie en de advocaat-generaal wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.