ECLI:NL:GHARL:2017:10039
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Sekeris
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding bij postblokkade in faillissement
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen een beslissing van de kantonrechter die het beroep van betrokkene tegen een sanctiebeslissing van de officier van justitie ontvankelijk had verklaard en de termijnoverschrijding verschoonbaar achtte.
De betrokkene stelde dat de overschrijding van de beroepstermijn te wijten was aan een postblokkade vanwege zijn faillissement, waarbij alle post naar de curator werd gestuurd. Het hof stelde vast dat de beslissing van de officier van justitie op 30 april 2012 aan de betrokkene was toegezonden, waarna de beroepstermijn op 11 juni 2012 eindigde. Het beroepschrift was echter pas in december 2014 ontvangen, ruim na het verstrijken van de termijn.
Hoewel aannemelijk was dat de curator de beslissing had ontvangen, was er onvoldoende bewijs dat de beslissing niet was verzonden. Het hof oordeelde dat de betrokkene had moeten nagaan of correspondentie bij de curator was ontvangen, zeker omdat hij zelf administratief beroep had ingesteld en op de hoogte was van de procedure.
Daarom werd geconcludeerd dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was en het beroep niet-ontvankelijk verklaard, met vernietiging van de beslissing van de kantonrechter. Een inhoudelijke beoordeling van de sanctie kon daardoor niet plaatsvinden.
Uitkomst: Het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.