Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het geschil betreft de ingangsdatum van de nihilstelling van de partneralimentatie die de man aan de vrouw moet betalen na hun echtscheiding. De rechtbank had eerder de partneralimentatie per 7 september 2015 op nihil gesteld. De man kwam hiertegen in hoger beroep en verzocht om een eerdere ingangsdatum van nihilstelling, namelijk 10 oktober 2014 of 10 maart 2015.
Het hof oordeelt dat in hoger beroep uitsluitend de ingangsdatum van de nihilstelling aan de orde is, niet de hoogte van de alimentatie zelf. Volgens artikel 1:401 lid 4 BW Pro kan een rechterlijke uitspraak over levensonderhoud worden gewijzigd als deze van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan. Het hof benadrukt dat bij wijziging terugwerkende kracht met zorg moet worden toegepast om onredelijke terugbetalingsverplichtingen te voorkomen.
Na beoordeling stelt het hof vast dat de man vanaf 1 januari 2015 onvoldoende draagkracht heeft voor partneralimentatie. Omdat de man geen alimentatie heeft betaald en de vrouw de bedragen niet heeft besteed, rust er geen terugbetalingsverplichting op haar. Daarom wijzigt het hof de eerdere beschikking en stelt de nihilstelling van de partneralimentatie in op 1 januari 2015, met onmiddellijke ingang en uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De partneralimentatie wordt met ingang van 1 januari 2015 op nihil gesteld.