Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in het hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Het geschil betreft de vaststelling van kinderalimentatie tussen partijen die beiden in schuldbemiddeling zijn vanwege huwelijkse schulden. De rechtbank had de bijdrage van de man in de kosten van verzorging en opvoeding van het kind met ingang van 28 augustus 2014 op nihil gesteld.
De vrouw ging in hoger beroep en verzocht om vernietiging van deze beschikking en vaststelling van een alimentatiebedrag, althans een nihilstelling slechts voor de duur van de schuldbemiddeling. De man voerde verweer en verzocht bekrachtiging van de bestreden beschikking.
Het hof oordeelde dat de man sinds toelating tot de schuldbemiddeling geen draagkracht heeft om bij te dragen in de kosten van het kind. Daarom werd de nihilstelling bekrachtigd. Het hof zag geen reden om de nihilstelling slechts tijdelijk te maken. Tevens bekritiseerde het hof de schuldbemiddelingsinstantie voor haar onduidelijke advies dat onnodige juridische procedures veroorzaakte.
De proceskosten in hoger beroep werden gecompenseerd vanwege de bijzondere relatie tussen partijen en het onderwerp van de procedure.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de nihilstelling van de kinderalimentatie zolang de man in schuldbemiddeling is en wijst het hoger beroep van de vrouw af.