Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis waarvan beroep
De tenlastelegging
hij op of omstreeks 16 juni 2013 in de gemeente Duiven opzettelijk [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, immers heeft verdachte met dat opzet
hij op of omstreeks 16 juni 2013 in de gemeente Duiven als bestuurder van een voertuig, (personenauto merk Seat, gekentekend [kenteken] ), dit voertuig heeft bestuurd, terwijl hij verkeerde onder zodanige invloed van alcohol, waarvan hij wist of redelijkerwijs moest weten, dat het gebruik daarvan - al dan niet in combinatie met het gebruik van een andere stof - de rijvaardigheid kon verminderen, dat hij niet tot behoorlijk besturen in staat moest worden geacht.
Vrijspraak van het onder 1 primair ten laste gelegde (doodslag)
Bewezenverklaring
of omstreeks16 juni 2013 in de gemeente Duiven, als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een motorrijtuig (personenauto merk Seat, gekentekend [kenteken] )
tezamen en in vereniging met [medeverdachte] , eveneens als bestuurder van een voertuig (personenauto merk Audi, gekentekend [kenteken] ), althans alleen,daarmede rijdende over de voor het openbaar verkeer openstaande weg(en) de Oostsingel en/of de Noordsingel en/of de Vergertlaan en/of de Broekstraat
en/of op een of meer andere voor het openbaar verkeer openstaande weg(en),zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden, waardoor [slachtoffer] werd gedood, door
roekeloos, althanszeer
, althans aanmerkelijk onoplettend,onvoorzichtig
en/of onachtzaam,
/of
met een snelheid van ongeveer 160 km/u, althansmet een (veel) hogere snelheid dan de voor hem
/henaldaar geldende maximumsnelheid en
/of
/of
/of een voertuig (daarbij) rechts voorbij gereden en/of
/of
althans in onvoldoende mate,onder controle heeft gehad, en
/of
en/of met ander wegmeubilair en/of met een boom
/ofin aanrijding gekomen met een (andere) lantaarnpaal en
/ofmet ander wegmeubilair en
/ofmet een boom en
/ofom de as gedraaid en
/of
gegleden of gereden, in elk gevalterecht is gekomen,
of tweedelid van de Wegenverkeerswet 1994 en
/ofzulks terwijl het feit
is veroorzaakt ofmede is veroorzaakt doordat hij de bij de wet vastgestelde maximumsnelheid in ernstige mate heeft overschreden
en/of doordat hij zeer dicht achter een ander voertuig is gaan rijden en/of doordat hij geen voorrang heeft verleend en/of doordat hij gevaarlijk heeft ingehaald;
hij op
of omstreeks16 juni 2013 in de gemeente Duiven als bestuurder van een voertuig, (personenauto merk Seat, gekentekend [kenteken] ), dit voertuig heeft bestuurd, terwijl hij verkeerde onder zodanige invloed van alcohol, waarvan hij wist
of redelijkerwijs moest weten,dat het gebruik daarvan
- al dan niet in combinatie met het gebruik van een andere stof -de rijvaardigheid kon verminderen, dat hij niet tot behoorlijk besturen in staat moest worden geacht.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
in eendaadse samenloop begaan.
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf en/of maatregel
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1]
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2]
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) maanden.
8 (acht) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.
bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van
4 (vier) jaren.
teruggaveaan de verdachte van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1]
€ 818,19 (achthonderdachttien euro en negentien cent) ter zake van materiële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 818,19 (achthonderdachttien euro en negentien cent) als vergoeding voor materiële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
16 (zestien) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.