ECLI:NL:GHARL:2016:6913
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- J.D.S.L. Bosch
- R. Feunekes
- G. Jonkman
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep verdeling woning en vermogensbestanddelen na echtscheiding
In deze civiele zaak betreffende personen- en familierecht heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 21 juli 2016 uitspraak gedaan over de verdeling van de voormalige echtelijke woning en overige vermogensbestanddelen na ontbinding van het huwelijk. Het hof bekrachtigde de eerdere toedeling van de woning aan de man, waarbij de peildatum voor waardering op 12 november 2012 werd vastgesteld met een waarde van € 232.000,-.
De man had verzocht om de verkoopdatum van de woning in december 2014 als peildatum te hanteren, maar het hof oordeelde dat dit verzoek niet ontvankelijk was omdat het in hoger beroep niet tijdig was ingebracht en geen uitzonderingen op het grievenstelsel van toepassing waren. Daarnaast werd vastgesteld dat de man de woning destijds vrijwillig had verlaten en zich kon vinden in de toedeling.
Verder heeft het hof de waarde van een kapitaalverzekering, diverse bankrekeningen, hypothecaire leningen, kredieten en andere vermogensbestanddelen en schulden tussen partijen verdeeld. De man werd veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 6.080,74 aan de vrouw wegens overbedeling, alsmede een gebruiksvergoeding en vergoeding voor het Ohra-krediet. De vrouw werd gehouden aan bepaalde schulden, waaronder een terugvordering van bijstandsuitkering.
De beschikking van de rechtbank werd deels vernietigd en het hof stelde de verdeling van vermogensbestanddelen en schulden opnieuw vast, waarbij de toedeling van onroerende zaken en bedrijven grotendeels werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de toedeling van de woning aan de man en herverdeelt overige vermogensbestanddelen en schulden, waarbij de man een bedrag van € 6.080,74 aan de vrouw moet betalen.