ECLI:NL:GHARL:2016:3972
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sanctie wegens niet onverwijld tonen rijbewijs bij verkeerscontrole
De betrokkene werd op 11 april 2013 tijdens een gerichte verkeerscontrole op de Prinses Annalaan te Leidschendam gevorderd zijn rijbewijs te tonen. Hij gaf dit niet onverwijld af, maar pas na navraag naar de reden van de staandehouding. De politie gaf geen antwoord op zijn vraag. De betrokkene stelde dat de staandehouding onrechtmatig was omdat er geen borden of begeleidende agenten waren en vond de sanctie buitenproportioneel.
De kantonrechter verklaarde het beroep van de betrokkene ongegrond en het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden bevestigde deze beslissing. Het hof oordeelde dat de verkeerscontrole rechtmatig was, ook zonder aankondiging met borden of verplaatsing van bestuurders. De ambtsedige verklaringen van de verbalisanten vormden voldoende bewijs dat de betrokkene niet onverwijld aan de vordering tot het tonen van het rijbewijs had voldaan.
Het hof overwoog dat de sanctie van €90 conform de wettelijke tarieven was en dat er geen bijzondere omstandigheden waren om deze te matigen of achterwege te laten. Klachten over het gedrag van de verbalisanten konden niet in deze procedure worden beoordeeld. Het verzoek tot vergoeding van kosten werd afgewezen.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de sanctie van €90 voor het niet onverwijld tonen van het rijbewijs en wijst het verzoek tot kostenvergoeding af.