ECLI:NL:GHARL:2016:3579
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep omgangsregeling met lijfsdwang bij niet-nakoming toegestaan
Partijen hadden een korte relatie waaruit een minderjarige is geboren. De moeder heeft het gezag en verhuisde met het kind naar België, terwijl de vader omgang wilde realiseren. De rechtbank stelde proefcontacten onder begeleiding vast en verklaarde deze uitvoerbaar bij lijfsdwang bij weigering van medewerking.
In hoger beroep betwistte de moeder de Nederlandse bevoegdheid en het gebruik van lijfsdwang. Het hof oordeelde dat de Nederlandse rechter bevoegd is omdat het verzoek in 2011 werd ingediend toen het kind in Nederland verbleef. Het hof verwierp het verzoek tot verwijzing naar België.
Het hof stelde vast dat het belang van het kind prevaleert en dat omgang met de vader moet plaatsvinden onder begeleiding van de Raad voor de Kinderbescherming, niet de GI, omdat de voorlopige ondertoezichtstelling was beëindigd. Het hof bevestigde de uitvoerbaarheid bij lijfsdwang en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Tevens werd cross border mediation aanbevolen.
De beschikking van de rechtbank werd vernietigd voor zover zij de GI aanstelde als begeleider, en herzien met de Raad voor de Kinderbescherming als begeleider. Het hof wees overige verzoeken af en bekrachtigde de rest van de beschikking.
Uitkomst: Het hof bepaalt dat proefcontacten onder begeleiding van de Raad voor de Kinderbescherming plaatsvinden en bevestigt de uitvoerbaarheid bij lijfsdwang bij weigering medewerking.