Uitspraak
[B],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze afstammingszaak heeft de rechtbank ambtshalve een bijzondere curator benoemd om de belangen van het kind te vertegenwoordigen. De vrouw, appellante, maakte bezwaar tegen deze benoeming en verzocht om vervanging van de bijzondere curator. De rechtbank wees dit verzoek af.
De vrouw stelde hoger beroep in tegen beide beschikkingen, maar het hof oordeelt dat het beroep tegen de beschikking van 25 november 2015 een tussenbeschikking betreft waartegen geen zelfstandig hoger beroep mogelijk is. Ook de beschikking van 11 januari 2016 bouwt voort op deze tussenbeschikking en kan daarom niet tot ontvankelijkheid leiden.
Het hof verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in haar beroep tegen beide beschikkingen en laat de vraag open in hoeverre zij namens het kind bevoegd is op te treden. De proceskosten worden gecompenseerd zodat elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Appellante is niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep tegen de benoeming en weigering tot vervanging van de bijzondere curator.