Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoeker in hoger beroep, verder te noemen: de bewindvoerder,
wonende te [woonplaats] ,
verder te noemen: de zoon van rechthebbende.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak stond het verzoek van een bewindvoerder centraal om machtiging te verkrijgen voor het doen van een schenking ten laste van het vermogen van een onderbewindgestelde, de rechthebbende. De schenking betrof een bedrag van €65.000 aan elk van haar drie kinderen, waaronder de bewindvoerder zelf. Volgens de geldende Aanbevelingen meerderjarigenbewind geldt als hoofdregel dat een schenking wordt afgewezen tenzij sprake is van een schenkingstraditie en het vermogen na schenking niet onder €30.000 komt.
De bewindvoerder erkende dat er geen schenkingstraditie was, maar stelde dat de rechthebbende sinds medio 2012 meerdere malen haar wens had uitgesproken om de verkoopopbrengst van haar woning aan haar kinderen te schenken. Deze wens was ook bevestigd door de advocaat die destijds de rechthebbende bijstond. De rechthebbende verkeert inmiddels in een staat van dementie en staat onder bewind, waardoor zij zelf de schenking niet meer kon uitvoeren.
Het hof oordeelde dat, gelet op de bijzondere omstandigheden en de expliciete wens van de rechthebbende, van de hoofdregel kon worden afgeweken. De schenking zou bijdragen aan het levensgeluk van de rechthebbende en haar vermogensrechtelijke belangen zouden niet worden geschaad, aangezien na schenking nog voldoende vermogen resteert. De beschikking van de kantonrechter werd vernietigd en de machtiging tot schenking werd verleend, uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof verleent de bewindvoerder machtiging tot schenking uit het vermogen van de rechthebbende ondanks het ontbreken van een schenkingstraditie.