ECLI:NL:GHARL:2016:1250
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- A. Smeeïng-van Hees
- R. Krijger
- J.P. Balkema
- Rechtspraak.nl
Beslissing over vervangende toestemming geslachtsnaamwijziging minderjarige
In deze zaak verzocht de moeder om vervangende toestemming voor de geslachtsnaamwijziging van haar minderjarige kind, omdat de vader niet instemde met de naamswijziging. Het hof heeft het advies van de Raad voor de Kinderbescherming ingewonnen, die een loyaliteitsconflict bij het kind constateerde en adviseerde de toestemming te verlenen.
De Raad stelde dat het kind door de negatieve houding van de moeder tegenover de vader een negatief beeld van hem heeft en dat het kind hierdoor niet de ruimte kreeg om een eigen relatie met de vader op te bouwen. Het kind ontkent het bestaan van haar vader en wil diens naam niet dragen, wat volgens de raad een tijdelijke ontkenning is die mogelijk in de toekomst kan veranderen.
Het hof oordeelde echter dat een naamswijziging een zware emotionele beslissing is die het kind gezien haar leeftijd en situatie nog niet kan overzien. Het kind heeft geen contact met de vader en heeft daardoor geen afgewogen mening kunnen vormen. De wens tot naamswijziging lijkt vooral ingegeven door de strijd van de moeder met de vader, wat het kind gebruikt om de vader uit haar leven te bannen.
Het hof vond dat het ontkennen van de vader en het verliezen van een deel van de identiteit niet in het belang van het kind is. Het hof benadrukte dat het belangrijk is dat de moeder haar boosheid jegens de vader verwerkt om rust te brengen voor het kind. De beschikking van de rechtbank die de vervangende toestemming weigerde, werd door het hof bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de weigering van vervangende toestemming voor geslachtsnaamwijziging omdat dit niet in het belang van het kind is.