ECLI:NL:GHARL:2015:88
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontheffing vader van het gezag over minderjarige tweeling en benoeming voogd
De zaak betreft een hoger beroep van de Raad voor de Kinderbescherming tegen de afwijzing door de rechtbank om de vader te ontheffen van het gezag over twee minderjarige kinderen, geboren in 2008. De kinderen zijn sinds 2012 uit huis geplaatst en staan onder toezicht van een stichting. De rechtbank had de moeder ontheven van het gezag, maar de vader mocht het gezag behouden.
Het hof overweegt dat de vader ongeschikt en onmachtig is om zijn opvoedingsplicht passend te vervullen. De kinderen zijn op jonge leeftijd uit huis geplaatst vanwege een onveilige thuissituatie met verwaarlozing en ernstige problemen. Hoewel de vader zijn leven verbeterd heeft, is hij nog niet in staat de zorg op verantwoorde wijze te bieden. De kinderen zijn inmiddels gehecht aan hun pleeggezinnen, waar zij zich goed ontwikkelen.
Het belang van continuïteit en het hechtingsproces bij de pleegouders weegt zwaarder dan het emotionele belang van de vader om het gezag te behouden. Het hof vernietigt het eerdere vonnis en ontheft de vader van het gezag, benoemt de stichting tot voogd en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. De vader behoudt het recht op omgang en informatie over de kinderen.
Uitkomst: De vader wordt ontheven van het gezag over de minderjarige kinderen en de stichting wordt benoemd tot voogd.