Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in het principaal hoger beroep,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen zijn in 2011 in Afghanistan gehuwd en hebben een kind. De rechtbank heeft bij beschikking van 17 december 2014 partneralimentatie vastgesteld op €1.500 per maand. De vrouw vordert verhoging naar €2.202 bruto per maand, terwijl de man meerdere grieven indient, waaronder betwisting van de lotsverbondenheid, verzoek tot overlegging asieldocumentatie, betwisting van de behoefte en draagkracht.
Het hof oordeelt dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en Nederlands recht van toepassing is. De grief over het ontbreken van lotsverbondenheid faalt, aangezien het huwelijk rechtsgeldig was en geen uitzonderlijk wangedrag is vastgesteld dat de onderhoudsverplichting beëindigt. Het verzoek tot overlegging van het asieldossier wordt afgewezen vanwege onvoldoende onderbouwing en vertrouwelijkheid van de procedure.
De vrouw heeft onvoldoende onderbouwd dat haar behoefte hoger is dan de bijstandsnorm; het hof stelt de behoefte vast op €961 netto per maand, wat bruto neerkomt op €1.450 per maand. De man heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zijn draagkracht lager is dan dit bedrag. De alimentatie wordt vastgesteld op €1.450 per maand met ingang van 15 april 2015. De vrouw dient teveel betaalde alimentatie terug te betalen. De overige grieven worden afgewezen.
Uitkomst: Partneralimentatie vastgesteld op €1.450 per maand vanaf 15 april 2015 met terugbetaling van teveel betaalde alimentatie.