ECLI:NL:GHARL:2015:7840
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- De Witt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens vermeend misbruik van procesrecht in bestuursstrafzaak
De betrokkene stelde beroep in tegen een beslissing van de officier van justitie inzake een bestuursstrafzaak. De kantonrechter verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens vermeend misbruik van procesrecht, omdat de gemachtigde van betrokkene veel stukken in korte tijd had ingediend met verschillende briefkenmerken, en de stukken grotendeels betrekking hadden op een Wob-verzoek dat los stond van de beroepsprocedure.
De gemachtigde voerde aan dat de kantonrechter hem niet in de gelegenheid had gesteld zijn standpunt over het vermeende misbruik toe te lichten en dat de toegang tot de rechter onterecht was ontzegd, in strijd met artikel 6 EVRM Pro en artikel 47 Handvest Pro EU. Het hof oordeelde dat de beroepsgronden voldoende waren onderbouwd en dat het indienen van veel stukken in korte tijd geen misbruik van procesrecht opleverde, zeker omdat veel stukken betrekking hadden op de Wob-procedure die los stond van de WAHV-procedure.
Het hof vernietigde daarom de beslissing van de kantonrechter en wees de zaak terug naar de rechtbank Noord-Holland voor inhoudelijke behandeling. Tevens veroordeelde het hof de advocaat-generaal tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene ter hoogte van € 490,-.
Uitkomst: Het hof vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor inhoudelijke behandeling.