Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
27 januari 2015
[Z](hierna: belanghebbende),
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
5.Kosten
6.Beslissing
27 januari 2015.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende is eigenaar van een helft van een dubbele woning die in 2013 voor €270.000 is gewaardeerd op basis van de Wet WOZ. Zij is het oneens met deze waarde omdat de woning een belemmerd uitzicht heeft op de zijmuur van een naburige woning en privacy-inbreuk door ramen in die muur.
De heffingsambtenaar handhaafde de waarde en verwees naar een taxatierapport waarin vergelijkingspanden zijn opgenomen, waaronder een woning aan dezelfde straat die vergelijkbaar is en voor dezelfde prijs is verkocht. Belanghebbende stelde dat de waardedruk door de liggingsfactoren €30.000 bedraagt, maar het hof oordeelde dat deze factoren ook in de vergelijkingsprijs zijn verdisconteerd.
Verder faalde het beroep op het vertrouwensbeginsel omdat belanghebbende geen bewijs kon leveren van een eerdere toezegging. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat niet kon worden vastgesteld dat minstens twee identieke objecten lager waren gewaardeerd.
Het hof concludeerde dat de waarde correct is vastgesteld en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen kostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €270.000 wordt bevestigd.