ECLI:NL:GHARL:2015:3046
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over ambtshalve beslissing hoofdverblijf minderjarige
De zaak betreft een hoger beroep tegen een ambtshalve beslissing van de rechtbank Noord-Nederland inzake het hoofdverblijf van een toen negenjarige minderjarige. De kinderrechter had ambtshalve het verzoek van de minderjarige, die via een brief had aangegeven bij zijn vader te willen wonen, afgewezen. De vader ging in hoger beroep tegen deze beslissing.
Het hof stelt vast dat de minderjarige niet in staat is tot een redelijke waardering van zijn belangen, mede door zijn persoonlijke problematiek en loyaliteitsconflict binnen een jarenlange echtscheidingsstrijd tussen de ouders. De brief van de minderjarige is bovendien op aangeven van de vader geschreven. Het hof oordeelt dat het verzoek niet kan leiden tot een ambtshalve beslissing over het hoofdverblijf en vernietigt daarom de beschikking van de rechtbank.
Het hof ziet geen noodzaak voor het benoemen van een bijzondere curator of het gelasten van een raadsonderzoek. De vader wordt geacht zelf zijn procesverantwoordelijkheid te nemen om het geschil op ouderniveau te laten beoordelen. De beschikking is uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 21 april 2015.
Uitkomst: Het hof vernietigt de ambtshalve beslissing en bepaalt dat het verzoek van de minderjarige niet tot een ambtshalve beslissing over het hoofdverblijf kan leiden.