Uitspraak
de moeder,
de vader,
1.Leger des Heils Jeugdzorg en Reclassering,
LJ&R.
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in het principaal en het incidenteel hoger beroep
.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De ouders van het kind [de minderjarige1], geboren in 2011, voeren al jaren een hevige strijd die schadelijk is voor de ontwikkeling van het kind. Ondanks diverse pogingen om de gezinspatronen te verbeteren, is het niet gelukt de conflicten te beëindigen, wat ook heeft geleid tot een ondertoezichtstelling sinds 2012.
De rechtbank had eerder het gezamenlijk gezag gehandhaafd en het hoofdverblijf bij de vader vastgesteld, met een zorgregeling waarbij het kind in toenemende mate bij de moeder verbleef. Beide ouders gingen in hoger beroep over het gezag, hoofdverblijf en de zorgregeling.
Het hof oordeelt dat het gezamenlijk gezag niet langer in het belang van het kind is vanwege het onaanvaardbare risico dat het kind klem raakt tussen de ouders. Daarom wordt het gezag eenhoofdig aan de vader toegekend, die ook het hoofdverblijf behoudt. De omgangsregeling met de moeder wordt gehandhaafd zoals die nu is, met een weekend per veertien dagen en de helft van de vakanties en feestdagen, zonder toezicht op halen en brengen.
Het hof wijst verzoeken af die de zorgregeling zouden uitbreiden, omdat de huidige regeling al veel energie vergt en verdere uitbreiding schadelijk zou zijn. De vader en moeder blijven ieder verantwoordelijk voor de helft van het halen en brengen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof kent het eenhoofdig gezag toe aan de vader, handhaaft het hoofdverblijf bij hem en stelt een omgangsregeling met de moeder vast.