ECLI:NL:GHARL:2014:820
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- J.B.H. Röben
- R.F.C. Spek
- A.J.H. van Suilen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen WOZ-waardering woning en toepassing gelijkheidsbeginsel
Belanghebbende is eigenaar van een woning met een perceel van 386 m2, waarvan de WOZ-waarde voor 2011 werd vastgesteld op €460.000. Tegen deze waardering en de daarop gebaseerde aanslag onroerendezaakbelasting werd bezwaar gemaakt, dat werd afgewezen door de heffingsambtenaar en de rechtbank Midden-Nederland.
In hoger beroep betoogt belanghebbende dat het gelijkheidsbeginsel is geschonden, omdat de waardevermindering van twee aangrenzende woningen aan de [a-straat] 337 en 339 met 7,5% werd vastgesteld, terwijl zijn woning een kleinere waardevermindering zou moeten krijgen. Hij stelt dat deze woningen identiek zijn en dat de meerderheidsregel toegepast moet worden.
Het Hof overweegt dat de verschillen in perceelsgrootte, wijze van schakeling en ligging – waaronder de nabijheid van een verkeersdrempel en de daaruit voortvloeiende lichthinder – niet verwaarloosbaar zijn. Hierdoor zijn de objecten niet identiek in de zin van de jurisprudentie en kan het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet slagen.
Het Hof bevestigt daarom de WOZ-waarde van €460.000 en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er worden geen proceskosten aan de partijen opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €460.000 wordt bevestigd.