ECLI:NL:GHARL:2014:7701
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen sanctie snelheidsovertreding met boordsnelheidsmeter dienstvoertuig
Betrokkene werd bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van €257,- opgelegd wegens een snelheidsovertreding van 34 km/h op de Rijksweg A10 te Amsterdam. De gemachtigde van betrokkene stelde in hoger beroep dat de sanctie onjuist was omdat de verplichte correctie op de snelheid volgens de ijktabel niet was toegepast en dat een verkeerde feitcode was gehanteerd.
Het hof stelde vast dat de snelheid volgens de ijktabel gecorrigeerd moest worden met 3%, waardoor de overschrijding feitelijk 29 km/h bedroeg in plaats van 34 km/h. Tevens werd de feitcode aangepast van VL naar VM, passend bij de maximumsnelheid aangegeven door bord A1. De sanctie werd dienovereenkomstig verlaagd naar €201,-.
Verder oordeelde het hof dat de proceskosten voor de beroepsmatig verleende rechtsbijstand in de fase van het administratief beroep niet redelijkerwijs waren gemaakt en daarom niet vergoed worden, maar wel een vergoeding wordt toegekend voor de fase bij de kantonrechter. De advocaat-generaal werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene ter hoogte van €608,75.
Het arrest werd gewezen door mr. Dijkstra en uitgesproken in openbare zitting op 7 oktober 2014.
Uitkomst: De snelheidsovertreding wordt vastgesteld op 29 km/h met een sanctie van €201,- en proceskostenvergoeding van €608,75 toegekend aan betrokkene.