Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z]
heffingsambtenaarvan de
gemeente Ooststellingwerf(hierna: de heffingsambtenaar).
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende stelde in hoger beroep de WOZ-waarde van zijn woning aan de [a-straat] 19 te [Z] ter discussie, nadat de rechtbank het beroep ongegrond verklaarde. De heffingsambtenaar had de waarde per 1 januari 2011 vastgesteld op €140.000, na vermindering van €156.000 bij bezwaar. Belanghebbende pleitte voor een waarde van €117.500.
Tijdens de zitting op 8 juli 2014 werden de standpunten toegelicht en een taxateur gehoord. Het hof constateerde dat de woning in een slechte staat van onderhoud verkeerde, met een gedateerde keuken, badkamer en sanitair sinds de bouw in 1972. De heffingsambtenaar baseerde zijn waardering op een matrix met referentieobjecten die beter onderhouden en luxer afgewerkt waren dan de woning van belanghebbende.
Het hof oordeelde dat noch de heffingsambtenaar noch belanghebbende hun waardevoorstellen aannemelijk hadden gemaakt. De matrix gaf onvoldoende inzicht in de correcties voor de slechte onderhoudstoestand en het taxatierapport van belanghebbende hield onvoldoende rekening met relevante verschillen en gebruikte een te oude referentiedatum.
Daarom stelde het hof de waarde in goede justitie vast op €130.000. Tevens werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van griffierechten aan belanghebbende.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €130.000, lager dan de door de heffingsambtenaar vastgestelde €140.000.