Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[appellante],
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
alleverplichtingen van de regeling gedurende dat jaar doorlopen.
4.De beslissing
17 juli 2016.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Appellante was sinds 2012 onder de wettelijke schuldsaneringsregeling geplaatst, met beschermingsbewind sinds 2010. De rechtbank beëindigde in juni 2014 de regeling tussentijds wegens niet-nakoming van verplichtingen, waaronder onvoldoende sollicitaties, het niet tijdig verstrekken van informatie aan de bewindvoerder, en het ontstaan van nieuwe schulden en een boedelachterstand.
Appellante ging in hoger beroep en voerde aan dat zij zich inmiddels inspande om de tekortkomingen te herstellen, waaronder het treffen van een betalingsregeling met de gemeente en het voldoen aan de sollicitatieverplichting. De beschermingsbewindvoerder steunde het beroep, terwijl de bewindvoerder adviseerde de rechtbankuitspraak te bekrachtigen maar bij vernietiging verlenging van de regeling met anderhalf jaar aan te bevelen.
Het hof oordeelde dat appellante haar verplichtingen niet volledig was nagekomen, maar dat haar positieve houding en inspanningen aanleiding gaven tot een uitzondering op beëindiging. Het hof verlengde de schuldsaneringsregeling met een jaar, zodat appellante de achterstanden kan inlopen en haar verplichtingen kan nakomen. De regeling blijft van kracht onder voortzetting van alle verplichtingen.
Uitkomst: Het hof verlengt de wettelijke schuldsaneringsregeling met een jaar en vernietigt het vonnis van tussentijdse beëindiging.