Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
[appellant],
[geïntimeerde],
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak stond een geschil centraal over een aannemingsovereenkomst waarbij appellant een uitbouw aan de woning van geïntimeerde had gerealiseerd. De uitbouw was verzakt, waarna geïntimeerde schadevergoeding vorderde wegens vermeende tekortkoming van appellant.
Appellant stelde hoger beroep in tegen het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad, waarin hij de vorderingen van geïntimeerde wilde laten afwijzen. Ondanks meerdere uitstelverzoeken voor het indienen van de memorie van grieven, heeft appellant uiteindelijk geen grieven ingediend. Zijn advocaat onttrok zich aan de zaak, en er werd geen nieuwe advocaat gesteld.
Het hof oordeelde dat door het niet dienen van grieven het recht van appellant om hoger beroep te voeren was komen te vervallen. Omdat het vonnis van de rechtbank niet in strijd was met openbare orde, werd het hoger beroep verworpen. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep, vastgesteld op een bedrag van € 1.106,50.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant is verworpen wegens het niet indienen van grieven.