ECLI:NL:GHARL:2014:5002
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verwerping verweren dagvaarding en schorsing onderzoek in hoger beroep strafzaak
In deze strafzaak stelde de verdediging dat de dagvaarding in hoger beroep niet correct was vertaald naar het Roemeens en dat de betekeningstermijn van veertig dagen niet was nageleefd. Het hof onderzocht deze verweren grondig.
Het hof constateerde dat de dagvaarding op 9 april 2014 was betekend aan de griffier en vervolgens aan een bekend adres in het buitenland met een bijlage in het Roemeens, waarin werd meegedeeld dat verdachte terechtstaat voor hetzelfde feit als in eerste aanleg. Een volledige vertaling van de tenlastelegging was niet vereist omdat verdachte al in eerste aanleg met tolk was geïnformeerd en zich toen had laten vertegenwoordigen.
Verder oordeelde het hof dat de bijlage met vertaling van weekdagen en maanden in samenhang met de Nederlandse oproep voldoende duidelijkheid gaf over plaats, datum en tijdstip van de terechtzitting. Ook was de termijn tussen betekening en terechtzitting ruim langer dan veertig dagen. De verweren werden daarom verworpen en de dagvaarding als geldig beschouwd.
Omdat het hof op 10 juni 2014 geen beslissing had genomen en de zaak niet inhoudelijk had behandeld, werd het onderzoek geschorst en bepaald dat het zal worden hervat op een nader te bepalen datum, met oproeping van verdachte en een Roemeense tolk.
Uitkomst: Verweren tegen dagvaarding verworpen, dagvaarding geldig verklaard en onderzoek geschorst tot nader te bepalen datum.