Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep, verder te noemen: de vrouw,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden en zijn in juli 2009 feitelijk uit elkaar gegaan. Zij sloten een overeenkomst waarin zij afspraken maakten over de vermogensrechtelijke afwikkeling van hun huwelijk, waaronder de toedeling van de woning aan de vrouw en afspraken over een gezamenlijke bankrekening en pensioen.
De vrouw verzocht de rechtbank om nakoming van deze afspraken en levering van de woning, maar dit werd afgewezen. In hoger beroep betwistte de man dat de overeenkomst zonder voorwaarden was, maar het hof oordeelde dat de overeenkomst geldig en bindend is, ook al zijn niet alle voorwaarden (zoals wijziging huwelijkse voorwaarden) uitgevoerd.
Het hof overwoog dat de man niet mocht vertrouwen dat de vrouw de overeenkomst niet meer wilde nakomen, ondanks onderhandelingen en het eenzijdig verzoek tot echtscheiding. De man is veroordeeld om binnen twee maanden zijn volledige medewerking te verlenen aan de levering van de woning, met een dwangsom van maximaal €50.000,- bij niet-nakoming. De beschikking treedt in de plaats van de akte van levering.
Uitkomst: De man is veroordeeld tot medewerking aan levering van de woning aan de vrouw met een dwangsom bij niet-nakoming.