ECLI:NL:GHARL:2013:CA2237
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- M.W. Zandbergen
- W. Breemhaar
- G. van Rijssen
- Rechtspraak.nl
Belangenafweging over bewoning en hypotheeklasten voormalige echtelijke woning na echtscheiding
Partijen zijn in 1992 getrouwd onder uitsluiting van gemeenschap van goederen en feitelijk uit elkaar gegaan in 2008. De echtscheiding werd in 2010 uitgesproken en definitief in 2012 ingeschreven. De man is eigenaar van de woning, gekocht in 1988, met een hypothecaire schuld van circa €253.000. De vrouw verblijft sinds het uiteengaan met twee van de drie kinderen in de woning.
In eerste aanleg vorderde de vrouw betaling van hypotheekachterstanden en voortzetting van het gebruik van de woning, terwijl de man ontruiming en verdeling van de inboedel eiste. De voorzieningenrechter wees de ontruimingsvordering toe en wees de overige vorderingen af.
In hoger beroep bevestigt het hof het spoedeisende belang van de man bij ontruiming vanwege lasten en een potentiële koper die de woning leeg wil. Het hof stelt dat de vrouw geen recht meer kan doen gelden op de woning en dat zij onvoldoende heeft onderbouwd dat zij de woning kan kopen of dat verhuizing onaanvaardbaar is. De gewijzigde vordering tot betaling van de hypotheekachterstand door de man wordt toegewezen, maar de overige vorderingen van de vrouw worden afgewezen. De vordering tot verdeling van de inboedel wordt eveneens afgewezen. De proceskostenveroordeling ten nadele van de vrouw wordt vernietigd en partijen dragen hun eigen kosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot voortgezet gebruik af, bevestigt ontruiming, wijzigt proceskostenveroordeling en veroordeelt de man tot betaling van de hypotheekachterstand.