ECLI:NL:GHARL:2013:CA1143
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Y.A.J.M. van Kuijck
- W.R. Rosingh
- P.L.M. van Gorkom
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontnemingsvordering wegens wederrechtelijk verkregen voordeel bij oplichting
In deze ontnemingszaak heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het vonnis van de rechtbank Zutphen vernietigd en opnieuw recht gedaan. De zaak betreft het hoger beroep tegen de vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel door veroordeelde, die als leidinggevende van meerdere vennootschappen betrokken was bij grootschalige oplichting.
Het hof heeft het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op een totaalbedrag van €1.981.816,00, gebaseerd op een gedetailleerde analyse van banktransacties, kasopnames en privé-uitgaven van veroordeelde. Deze bedragen zijn toegerekend aan privégebruik, omdat geen zakelijke rechtvaardiging kon worden aangetoond. Diverse getuigenverklaringen en administratieve onderzoeken ondersteunen dit oordeel.
Het hof oordeelt dat de redelijke termijn in zowel eerste aanleg als hoger beroep is overschreden en compenseert dit door een vermindering van het ontnemingsbedrag met €10.000,00. De verplichting tot betaling aan de Staat wordt vastgesteld op €1.971.816,00. Het arrest is gewezen op 29 januari 2013 en bevestigt de strafrechtelijke veroordeling van veroordeelde tot een gevangenisstraf van 3 jaar en 9 maanden.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht €1.971.816,00 aan wederrechtelijk verkregen voordeel aan de Staat te betalen.