ECLI:NL:GHARL:2013:BZ8299
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- M. Barels
- J.I.M.W. Bartelds
- M.A.F. Cools-Weebers
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak in hoger beroep wegens onvoldoende bewijs zedendelicten met minderjarigen
In deze zaak stond verdachte terecht voor meerdere zedendelicten gepleegd op vier minderjarige slachtoffers in de periode van 1991 tot 2006. De rechtbank had verdachte eerder veroordeeld, maar in hoger beroep vernietigde het hof dit vonnis en sprak verdachte vrij.
Het hof oordeelde dat de verklaringen van de slachtoffers onvoldoende steun vonden in ander bewijsmateriaal. Er was geen concreet technisch bewijs en de verklaringen vertoonden onderlinge inconsistenties en onduidelijkheden, waardoor het bewijsminimum niet werd gehaald. Daarnaast was verdachte niet-ontvankelijk verklaard voor een deel van de tenlastelegging wegens procedurele redenen.
Het hof benadrukte dat bij zedendelicten de verklaring van getuigen van groot belang is, maar dat deze niet zonder voldoende steunbewijs tot een veroordeling mogen leiden. Gezien het ontbreken van voldoende wettig bewijs werd verdachte vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs voor de tenlastegelegde zedendelicten.