ECLI:NL:GHARL:2013:BZ5017
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bedrijfsopvolgingsregeling in erfbelasting niet discriminerend bevestigd
Belanghebbende was erfgenaam van zijn moeder en kreeg een aanslag erfbelasting opgelegd waarbij de WOZ-waarde van 1 januari 2009 werd toegepast. Hij betwistte onder meer de waardegrondslag, de toepassing van vrijstellingen en de bedrijfsopvolgingsregeling.
Het hof oordeelde dat de wetgeving op het moment van overlijden van de erflaatster correct werd toegepast en dat de keuze voor de WOZ-waarde van 2010 niet retroactief kon worden toegepast. Daarnaast werd geoordeeld dat de bedrijfsopvolgingsregeling een legitiem doel dient en dat het onderscheid tussen privé- en ondernemingsvermogen gerechtvaardigd is.
Het hof verwierp het beroep van belanghebbende en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarbij ook werd vastgesteld dat de vrijstellingen en heffingsrente correct waren toegepast.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.