Uitspraak
de man,
de vrouw,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep d.d. 20 november 2007 (met grieven),
- de memorie van grieven, (met producties,)
- de memorie van antwoord, tevens van grieven in voorwaardelijk incidenteel hoger beroep, (met producties,)
- de memorie van antwoord in voorwaardelijk incidenteel hoger beroep, (met producties,), tevens akte in het principaal appel,
- een akte van de man.
- het tussenarrest van 20 september 2001,
- een comparitie van partijen waarvan proces verbaal is opgemaakt,
- voortzetting van de comparitie van partijen, waarvan proces-verbaal is opgemaakt,
- de ter comparitie genomen akte overlegging producties van de man.
- vast te stellen dat de tussen partijen bestaande gemeenschap van winst en verlies dient te worden afgewikkeld zoals (in schema) is weergegeven onder grief 15, de punten 59 tot en met 60;
- de vrouw te veroordelen aan de man te betalen conform het gestelde onder punt 61;
- te verstaan dat de man slechts gehouden is de Box 2 heffing van de vrouw te betalen ter zake van de levering van de aandelen EHG BV en Services BV, indien de vrouw daartoe door de fiscus wordt aangesproken en de AB latentie niet is inbegrepen in de waardering van de aandelen als verwoord onder de punten 23 en 38;
- te verstaan dat partijen gehouden zijn de actuariële rente over de door deskundige [de deskundige] gewaardeerde ouderdomspensioenen en stamrechten te berekenen vanaf 31 december 2005".
- De man te veroordelen om wegens overbedeling aan de vrouw te voldoen een bedrag als door Uw Gerechtshof in goede justitie zal worden vastgesteld met inachtneming van de daaromtrent door de vrouw geformuleerde grieven;
- De man te veroordelen om aan de vrouw 2%(actuariële)rente te vergoeden vanaf 19 december 1996 tot de datum waarop door Uw Gerechtshof eindarrest zal zijn gewezen, over een bedrag als Uw Gerechtshof in goede justitie zal vermenen te behoren;
- De man te veroordelen tot afstorting van het pensioenrecht ter waarde van € 18.061 bij een door de vrouw aan te wijzen verzekeraar;
- Te bepalen dat de man een eventueel door de vrouw aan de fiscus te betalen Box 2 heffing (aanmerkelijk belang belasting) ter zake van de aandelen [de B.V. van A] aan de vrouw dient te vergoeden.
3.De feiten
art. 1: Tussen de echtgenoten zal slechts bestaan de gemeenschap van winst en verlies.
4.Het geschil
LJN: AG4158). Het hof zal hierna beoordelen of de stellingen van de vrouw voorshands zijn komen vast te staan.
de mannamens hem voorgestelde vaststellingsovereenkomst luidde als volgt.
3. De vrouw en [de B.V. 2 van A] zullen de procedure bij het Hof Arnhem bekend onder nummer. 200.024.409. beëindigen. Zij zullen daartoe op beider verlangen de procedure bij het Hof Arnhem op de rol doorhalen.
4. Partijen stellen vast dat de procedures die betrekking hebben op de alimentatie worden gecontinueerd.
- Derdenbeslag onder Nationale Nederlanden -collectief pensioen
- Derdenbeslag onder SVB
- Derdenbeslag onder de Friesland Bank op tegoeden van [de B.V. van A]
- Aandelen E.H.G. Holding B.V.
- Certificaten van aandelen uitgegeven door de Stichting Aandelen Administratie kantoor [appellant] te [woonplaats 1] ter zake van haar aandeelhouderschap in het kapitaal van J.M. [appellant] Management Services B.V
- Certificaten van aandelen uitgegeven door de Stichting Aandelen Administratie kantoor [appellant] te [woonplaats 1] ter zake van haar aandeelhouderschap in het kapitaal van [de B.V. 2 van A]
de vrouwnaar aanleiding hiervan aan de advocaat van de man heeft gezonden, luidt als volgt.
- het derdenbeslag onder Nationale Nederlanden betreffende pensioenrechten van de man;
- het derdenbeslag onder de Sociale VerzekeringsBank (SVB) betreffende de Aow-uitkering van de man;
- het beslag op de door de man gehouden aandelen betreffende de besloten vennootschap EHG Holding B.V.;
- het beslag op de door de man gehouden certificaten van aandelen uitgegeven door de Stichting Aandelen Administratiekantoor ter zake van haar aandeelhouderschap in het kapitaal van de besloten vennootschap [de B.V. van A]
- het beslag op de door de man gehouden certificaten van aandelen uitgegeven door de Stichting Aandelen Administratiekantoor ter zake van haar aandeelhouderschap in het kapitaal van de besloten vennootschap [de B.V. 2 van A]
323.350,- (227.100 + 96.250)en opheffing van de gelegde beslagen. Daarbij wordt de waarde van [de B.V. van A] per 31 december 1996 vastgesteld op € 770.000,—. De afspraak houdt in beide voorstellen bovendien in dat partijen ieder de eigen kosten dragen en dat geen dwangsommen zijn verbeurd.
de verevening van de overige pensioenrechtenconform de WVP
zal worden voortgezet. Deze laatste toevoeging - en uitsluitend deze - wijkt inhoudelijk af van het voorstel van de man.
5.De beslissing
mr. M.W. Zandbergen, die daartoe zitting zal houden in het paleis van justitie aan het Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden en wel op een nader door deze vast te stellen dag en tijdstip;
beidepartijen, van hun advocaten en van de getuigen zal opgeven op de rol van
twee wekenvoor het getuigenverhoor zal plaatsvinden een kopie van het volledige procesdossier ter griffie van het hof doet bezorgen, bij gebreke waarvan de advocaat van de man alsnog de gelegenheid heeft uiterlijk
één weekvoor de vastgestelde datum een kopie van de processtukken over te leggen;