Uitspraak
[appellant],
de man,
[geïntimeerde],
de vrouw,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak stond de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap tussen partijen centraal. Het hof heeft zich gebogen over de waardering van een polis, de openstaande belastingschulden en andere schulden en activa per peildatum 1 januari 2008.
De man heeft onderbouwd dat de waarde van de polis € 18.935,-- bedroeg, terwijl de vrouw een hogere waarde aanvoerde. Het hof heeft het standpunt van de man gevolgd op basis van overgelegde producties en eerdere rechtsoverwegingen. Daarnaast zijn de definitieve aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2006 en 2007 beoordeeld, waarbij het hof rekening hield met openstaande bedragen en heffingsrente tot de peildatum.
Het saldo van de huwelijksgemeenschap bleek negatief te zijn, waarbij het hof de toedeling van activa en schulden tussen partijen heeft vastgesteld. De man krijgt onder meer het woonhuis en de spaarhypotheekpolis toegewezen, met de verplichting de gemeenschapsschulden te dragen, uitgezonderd bepaalde belastingvorderingen van de vrouw. De vrouw krijgt de restitutievordering toegewezen met de verplichting een deel van de schulden te dragen.
Het hof vernietigde een eerdere beschikking voor zover de man was veroordeeld tot betaling van € 4.000,-- en bepaalde dat de litigieuze pannenkoekenboot niet verkocht hoeft te worden. De vrouw is veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 43.433,18 aan de man. De kosten van het hoger beroep worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof stelt de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap vast en veroordeelt de vrouw tot betaling van € 43.433,18 aan de man.