De Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam behandelde op 12 februari 2026 het verzoek van [aandeelhouder I Holding] tot het bevelen van een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Óscala vanaf 1 januari 2022. Verweerster Óscala, samen met [aandeelhouder II Holding] en Kitesearch, verzochten het verzoek af te wijzen en de verzoekster in de kosten te veroordelen.
De Ondernemingskamer overwoog dat het ondernemingsbeleid en de klachten daarover niet zodanig waren dat zij aanleiding gaven tot toewijzing van het enquêteverzoek. Het bestuur geniet autonomie bij het commerciële beleid en het strategische beleid wordt slechts terughoudend getoetst. De informatievoorziening aan aandeelhouders was inmiddels op orde via kwartaalberichten met financiële overzichten.
Hoewel er serieuze vragen waren over management fees vóór 2024 en privébestedingen uit het verleden, waren deze onvoldoende zwaarwegend. Ook speelde mee dat de grootste klant de overeenkomst grotendeels had beëindigd en er geen financiële ruimte was voor volledige betaling van management fees. De Ondernemingskamer achtte de kosten en het belang van de vennootschap zwaarder dan het verzoek tot enquête, waardoor het verzoek werd afgewezen. Er werden geen onmiddellijke voorzieningen getroffen en geen proceskostenveroordeling uitgesproken.