Uitspraak
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Tenlasteleggingen
hij, op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 9 oktober 2018 tot en met 11 januari 2019 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, [slachtoffer 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [slachtoffer 3] dreigend de woorden toe te voegen - "Jij komt niet bij mijn kind! Ik ga je tanden uit je bek slaan!" en/of
hij, op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 10 oktober 2018 tot en met 26 oktober 2018 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, opzettelijk
hij, op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 februari 2018 tot en met 4 december 2018 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, een telefoon, in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander toebehoorde, te weten aan [slachtoffer 1] , heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
hij, op of omstreeks 11 oktober 2018 te Amsterdam, in elk geval in Nederland. opzettelijk en wederrechtelijk een raam, in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander, te weten aan [slachtoffer 1] toebehoorde, heeft vernield;
hij, op één of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 februari 2018 tot en met 14 maart 2019 te Amsterdam, althans in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 1] , met het oogmerk die [slachtoffer 1] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen door meermalen
Vonnis waarvan beroep
Bewijsoverweging zaak A feit 3
Bewezenverklaring
hij op tijdstippen in de periode van 9 oktober 2018 tot en met 10 oktober 2018 te Amsterdam, [slachtoffer 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en met zware mishandeling, door die [slachtoffer 3] dreigend de woorden toe te voegen:
hij op 10 oktober 2018 te Amsterdam, opzettelijk [slachtoffer 1] , in haar tegenwoordigheid, mondeling, heeft beledigd door haar de woorden toe te voegen:
hij omstreeks 4 december 2018 te Amsterdam, een telefoon die aan [slachtoffer 1] toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om deze zich wederrechtelijk toe te eigenen;
hij op 11 oktober 2018 te Amsterdam, opzettelijk en wederrechtelijk een raam, dat aan een ander, toebehoorde, heeft vernield;
hij op tijdstippen in de periode van 1 december 2018 tot en met 14 maart 2019 te Amsterdam, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer 1] , met het oogmerk die [slachtoffer 1] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen door
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straffen
Vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3]
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
2 (twee) maanden.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
100 (honderd) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
50 (vijftig) dagen hechtenis.