ECLI:NL:GHAMS:2026:327
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.J. Roos
- P. Greve
- B. de Wilde
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs voor voorbereidingshandelingen productie methamfetamine
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 15 maart 2022, waarin verdachte werd veroordeeld voor voorbereidingshandelingen met betrekking tot de productie van methamfetamine. Het hof vernietigde het vonnis en sprak verdachte vrij omdat niet met de vereiste mate van zekerheid kon worden vastgesteld dat de voorbereidingen gericht waren op de vervaardiging van methamfetamine.
De tenlastelegging betrof het opzettelijk vervaardigen van cocaïne, methamfetamine en/of amfetamine, het verschaffen van middelen daartoe, en het voorhanden hebben van voorwerpen en stoffen bestemd voor het plegen van deze feiten. Het dossier bevatte onder meer telefoongesprekken en processtukken die spraken over efedrine en ketamine, maar niet over methamfetamine. Hoewel materialen voor een laboratoriumopstelling werden aangetroffen, ontbrak het bewijs dat deze specifiek voor methamfetamineproductie waren bedoeld.
Daarnaast behandelde het hof de vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling van verdachte, die eerder in het Verenigd Koninkrijk was veroordeeld en in Nederland een straf onder proeftijd uitzat. Omdat verdachte werd vrijgesproken van het tenlastegelegde, wees het hof de vordering tot herroeping af.
Het hof verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep voor zover het gericht was tegen bepaalde vrijspraken en verklaarde het openbaar ministerie niet-ontvankelijk voor het niet meer gehandhaafde hoger beroep tegen de in- en uitvoer van cocaïne. Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 11 februari 2026.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van het tenlastegelegde voorbereidingshandelingen productie methamfetamine wegens onvoldoende bewijs.