ECLI:NL:GHAMS:2026:2029

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
24 juli 2026
Publicatiedatum
27 juli 2026
Zaaknummer
23-002420-25
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • A.W.T. Klappe
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 225 SrArt. 231 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging veroordeling voor gebruik vals perspaspoort op Schiphol

Het gerechtshof Amsterdam heeft op 24 juli 2026 het hoger beroep behandeld van verdachte tegen het vonnis van de politierechter van 14 oktober 2025. De verdachte werd beschuldigd van het gebruik en bezit van een vals of vervalst reisdocument, te weten een 'passport of the press diplomatique'.

De verdachte bood dit document aan bij de controle op Schiphol voor een vlucht naar Lagos. Het document bleek een fantasiedocument te zijn, niet erkend als legitimatiebewijs, en bevatte onjuiste nationaliteitsgegevens. De verdachte had het document via internet aangeschaft en gebruikte het om een visum te verkrijgen bij het Nigeriaanse consulaat in Parijs.

De verdediging stelde dat het document slechts diende om journalistieke status aan te tonen en niet als identiteitsbewijs kon gelden, en ontkende het vereiste opzet. Het hof oordeelde echter dat het document in het maatschappelijk verkeer betekenis heeft voor bewijs van identiteit en dat verdachte het opzettelijk gebruikte. Het hof bevestigde het vonnis van de politierechter en veroordeelde verdachte overeenkomstig.

Uitkomst: Het hof bevestigt de veroordeling van verdachte voor het gebruik van een vals perspaspoort op Schiphol.

Uitspraak

afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002420-25
datum uitspraak: 24 juli 2026
TEGENSPRAAK(gemachtigd raadsvrouw)
Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 14 oktober 2025 in de strafzaak onder parketnummer 15-252242-25 tegen:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1972,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 20 juli 2026 en 24 juli 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsvrouw naar voren heeft gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd dat:
primairhij op of omstreeks 24 september 2025 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer een reisdocument en/of identiteitsbewijs als bedoeld in het eerste lid van artikel 231 van Pro het Wetboek van Strafrecht, te weten een passport of the press diplomatique, met nummer [nummer] en op naam gesteld van [verdachte], waarvan hij, verdachte, wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze vals of vervalst was, heeft afgeleverd en/of voorhanden heeft gehad;
subsidiairhij op of omstreeks 24 september 2025 te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer opzettelijk een vals en/of vervalst geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, te weten een passport of the press diplomatique, met nummer [nummer] en op naam gesteld van [verdachte], heeft afgeleverd en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij, verdachte, wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat dit geschrift bestemd was om gebruik van te maken als ware het echt en onvervalst;
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat:
het hof de bewijsoverweging van de politierechter vervangt door de hieronder weergegeven bewijsoverweging;
de door de politierechter in het proces-verbaal opgesomde bewijsmiddelen worden vervangen door de bewijsmiddelen die na het eventueel instellen van beroep in cassatie zullen worden opgenomen in de aanvulling op dit arrest;
uit de motivering van de sanctie op pagina 6 van het vonnis schrapt de zinsnede “
Desalniettemin is het wel verwarrend geweest voor de verdachte dat hij onder andere op grond van dit document een visum heeft gekregen van het Nigeriaanse consulaat in Parijs.”.

Bewijsoverweging

Standpunten van partijen
De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat het subsidiair ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden.
De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte moet worden vrijgesproken van het subsidiair ten laste gelegde feit. Daartoe voert zij aan dat het “passport of the press diplomatique” louter bedoeld is om te bewijzen dat hij journalist is. Het voorgaande maakt dat het perspaspoort niet kan worden aangemerkt als een geschrift waaraan in het maatschappelijk verkeer betekenis voor het bewijs van identiteit of nationaliteit pleegt te worden toegekend. Daarnaast is er geen sprake van de voor bewezenverklaring vereiste (voorwaardelijk) opzet, aldus de raadsvrouw.
Feiten en omstandigheden
Het hof leidt uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting de volgende feiten en omstandigheden af. De verdachte heeft op Schiphol bij de controle voor zijn vlucht naar Lagos een document aangeboden, te weten een "passport of the press diplomatique’, met daarin zijn identiteitsgegevens. Verbalisanten van het bureau falsificaten van de Koninklijke Marechaussee hebben vastgesteld dat dit document geen erkend legitimatiebewijs is, maar een fantasiedocument. Dit zijn documenten die door niet bevoegde of erkende autoriteiten zijn vervaardigd en afgegeven doch de indruk wekken door een officiële autoriteit te zijn afgegeven teneinde te dienen als reis- identiteits- en/of verblijfsdocument. Ook blijkt uit het dossier dat de verdachte dit document via internet heeft aangeschaft voor een bedrag van € 275.00. Verder staat in strijd met de waarheid in dit document vermeld dat de verdachte, die de Nigeriaanse nationaliteit heeft, de Franse nationaliteit zou hebben. Op pagina 11 van dit document bevindt zich een visum, dat de verdachte heeft gekregen van het Nigeriaanse consulaat in Parijs.
Beoordeling van het hof
Aan het ten laste gelegde en door verdachte gebruikte document wordt naar het oordeel van het hof in het maatschappelijk verkeer betekenis voor het bewijs van de identiteit van verdachte toegekend en verdachte heeft dit document ook als zodanig gebruikt. Dat het document in het maatschappelijk verkeer wordt gebruikt voor het bewijs van de identiteit van de verdachte, volgt namelijk al uit het feit dat de verdachte bij het Nigeriaanse consulaat in Parijs een visum heeft gekregen onder vertoon van het document. Dit visum is ook in het document geplaatst. Voorgaande maakt dat dit document, genaamd “paspoort of the press diplomatique” een geschrift is in de zin van artikel 225 van Pro het Wetboek van Strafrecht. Dat het onderhavige document geen identiteitsbewijs in formele zin is, doet aan dit oordeel niet af.
De verdachte heeft dit geschrift opzettelijk gebruikt. De door de verdachte getoonde kaart bevatte
weliswaar zijn juiste naam, maar niet de juiste nationaliteit. De verdachte heeft deze, deels valse, gegevens bij het bestellen van dit document zelf opgegeven en ervoor gekozen dit document ook daadwerkelijk te tonen op Schiphol. Dat de verdachte in de veronderstelling zou zijn dat hij naast de Nigeriaanse nationaliteit ook de Franse nationaliteit zou hebben, acht het hof niet aannemelijk, naast het feit dat de verdachte deze veronderstelling op geen enkele wijze heeft onderbouwd, mag worden aangenomen dat in beginsel een ieder op de hoogte is van zijn eigen nationaliteit. Uit het dossier blijkt verder dat al eerder in Frankrijk, aan de verdachte is medegedeeld dat hij met een dergelijk document niet kon reizen. Desondanks heeft de verdachte ervoor gekozen om opnieuw een perspaspoort aan te schaffen via internet, daarmee te reizen en dit document aan te bieden bij de controle op Schiphol. Het opzet is daarmee gegeven.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting had mr. A.W.T. Klappe, in tegenwoordigheid van mr. J.M. Pattinama, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 24 juli 2026.
=========================================================================
proces-verbaal uitspraak
_______________________________________________________________ _ _
GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002420-25
Proces-verbaal van de in het openbaar gehouden terechtzitting van dit gerechtshof, op 24 juli 2026.
Tegenwoordig zijn:
mr. A.W.T. Klappe, raadsheer,
mr. R.J.C. Wegeriff, griffier.
Het openbaar ministerie wordt vertegenwoordigd door mr. J. Weening, advocaat-generaal.
De raadsheer doet de zaak tegen de verdachte [verdachte] uitroepen.
De verdachte is
nietin de zaal van de terechtzitting aanwezig.
Raadsvrouw is
wel / nietaanwezig.
(zo ja:) naam raadsman/raadsvrouw en plaats:
Tolk is
nietaanwezig.
De raadsheer hervat het onderzoek ter terechtzitting in de stand waarin het zich bevond ten tijde van de onderbreking op 20 juli 2026.
De raadsheer verklaart het onderzoek gesloten en doet direct uitspraak.
De raadsheer geeft de verdachte kennis, dat daartegen binnen 14 dagen na heden beroep in cassatie kan worden ingesteld.
(indien de VTE is verschenen)
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de raadsheer en de griffier is vastgesteld en ondertekend.