ECLI:NL:GHAMS:2026:1728
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vrouw in hoger beroep echtscheidingsbeschikking wegens ontbreken advocaat
De vrouw is op 15 april 2026 in hoger beroep gekomen tegen de echtscheidingsbeschikking van de rechtbank Amsterdam van 28 januari 2026. Zij diende het beroepschrift zonder tussenkomst van een advocaat in, wat in strijd is met artikel 359 juncto Pro 278 Rv.
Het hof heeft de vrouw bij brief van 15 mei 2026 gewezen op dit verzuim en haar de mogelijkheid gegeven dit uiterlijk op 29 mei 2026 te herstellen. De vrouw heeft hier niet op gereageerd. Daarom verklaart het hof haar niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Ten overvloede merkt het hof op dat de rechtbank alleen de echtscheiding heeft uitgesproken en dat eventuele verzoeken over partner- of kinderalimentatie en zorgregeling via een verzoekschrift bij de rechtbank moeten worden ingediend.
De beslissing is op 30 juni 2026 in het openbaar uitgesproken door de meervoudige kamer van het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De vrouw is niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep wegens het ontbreken van tussenkomst van een advocaat.