Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[appellant 1] ,
[appellant 2],
1.De zaak in het kort
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
Rapport van Expertise:
4.De procedure bij de kantonrechter
5.Beoordeling
Tijdens de mondelinge behandeling heeft mevrouw [naam 5] bevestigd dat het dak niet kan worden hersteld op basis van de huidige fundering, zodat voldoende vaststaat dat een integrale aanpak van het funderingsherstel en de dakrenovatie noodzakelijk is. Zodra de fundering is gestut kan de dakrenovatie worden hervat. De VvE heeft ter zitting bevestigd daarmee in te stemmen.” In de verschillende rapportages wordt een dergelijke aanpak echter niet genoemd. De VvE heeft bovendien geen besluit genomen dat strekt tot een zogenoemde ‘integrale aanpak’. Voor zover ( [naam 1] namens) de VvE ter zitting een dergelijk besluit heeft genomen, ontbrak hiervoor de bevoegdheid, volgens [appellant 1] .
nieuw voor oudis toegepast, waarmee wordt voorkomen dat [appellant 1] op kosten van de VvE in een betere situatie komen te verkeren dan voor het herstel van het pand. Dat betekent dat de alternatieve begrotingen niet kunnen worden gebruikt als vergelijkingsmateriaal voor de elementeninvesteringsbegroting en niet kunnen leiden tot het oordeel dat de VvE besluit 8c niet had kunnen nemen.
grief 3 in principaal hoger beroepkomen [appellant 1] op tegen het oordeel van de kantonrechter (in overweging 1.14) dat de vergoeding van € 3.000,00 per maand met een maximum van € 12.000,00 voor vervangende huisvesting die in punt 8e van de notulen wordt genoemd, redelijk is. Ook richt de grief zich tegen de afwijzing door de kantonrechter van de door [appellant 1] verzochte verklaring voor recht dat zij als gevolg van de sloop van de zolderverdieping al sinds januari 2025 schade lijden door gederfd woongenot, welke schade door de VvE moet worden vergoed. De
grief in incidenteel hoger beroepvan de VvE hangt samen met het eerste bezwaar van [appellant 1] .
nieuw voor oud, zodat de bewoners van [huisnummer] niet in een betere situatie zullen worden gebracht dan voor het funderingsherstel. Met betrekking tot de geschatte kosten voor vervangende huisvesting voor [huisnummer] heeft de VvE toegelicht dat ook die op dezelfde wijze zullen worden berekend als bij [appellant 1] . De indicatieve bedragen zijn nu al in het besluit 4b genoemd zodat alle eigenaren hiermee vast rekening kunnen houden in hun financiële planning. Over de hoogte van de definitieve bedragen zal de VvE te zijner tijd nog een besluit nemen.
“de kostenverdeling tussen VvE en VvE-leden onderling (bijv betreffende herstel gevolgschade aan plafond 3de verdieping)”. Het daadwerkelijke besluit om het begrote bedrag al dan niet in de vorm van schade (zoals bedoeld in het splitsingsreglement) te vergoeden zal te zijner tijd door de vergadering van eigenaars van de VvE zelf moeten worden genomen. Vooruitbetaling van de schade is niet aan de orde, zodat wat [appellant 1] verder nog met betrekking tot het splitsingsreglement hebben aangevoerd onbesproken kan blijven.